Uit een recent onderzoek van het linkbuildingbedrijf Equote, gebaseerd op CBS-gegevens, blijkt dat slechts 20% van de IT-dienstverlenende bedrijven hun marketingbenadering vernieuwt om groei te bevorderen. Bij bedrijven die zich ook op technologische vernieuwingen richten, ligt dit percentage hoger: ongeveer 33,3% is actief op zoek naar manieren om hun marketingstrategieën te moderniseren.

Het onderzoek wijst uit dat, ondanks de snelle veranderingen in consumentengedrag en technologische vooruitgang, veel IT-dienstverleners terughoudend zijn om nieuwe marketingtechnieken te omarmen. Slechts een klein deel van deze bedrijven experimenteert met nieuwe ontwerpen voor promotiemateriaal (4,73%) of implementeert innovatieve reclamestrategieën (13,13%).

De resultaten suggereren dat veel bedrijven in de IT-sector mogelijkheden missen om zich te onderscheiden in een competitieve markt. Door te innoveren op het gebied van marketing, zoals het herontwerpen van promotiemateriaal en het ontwikkelen van nieuwe verkoopstrategieën, kunnen deze bedrijven consumentenaandacht trekken en hun marktaandeel vergroten.

“Het is opmerkelijk dat zo weinig IT-bedrijven de stap zetten naar innovatieve marketingstrategieën, vooral in een tijd van voortdurende marktveranderingen. Dit zou een signaal moeten zijn voor de sector om meer nadruk te leggen op innovatie, niet alleen op het gebied van producten en technologieën, maar ook op hoe deze worden gepresenteerd en verkocht,” aldus Jaron Veldhuis, mede-oprichter van Equote.

Kaseya/Datto is verhuisd en heeft zijn intrek genomen in de UP Office Building aan het IJ in Amsterdam. Dit nieuwe kantoor zal dienen als hoofdlocatie voor de Europese markt, ter vervanging van het voormalige hoofdkantoor aan de Zuidas.

De feestelijke opening met het doorknippen van het symbolische lint werd gedaan door Hans ten Hove, VP voor Continentaal Europa in het bijzijn van Executive Team members vanuit het Miami hoofdkantoor, Fred Voccola (CEO) en Mike Sanders (CMO).

“De verhuizing is een nieuwe fase voor ons bedrijf dat de afgelopen maanden verdubbeld is in omvang en de komende jaren hard zal doorgroeien”, aldus Ten Hove. “De investeringen zitten voor een groot deel in accountmanagement voor zowel de Benelux organisatie als voor diverse teams die de Nordics, Benelux en DACH-markt bedienen. Het nieuwe kantoor biedt nu ook de mogelijkheid om MSPs op locatie te laten werken en bijvoorbeeld IT-vraagstukken gezamenlijk met de klant van de MSP bij Datto als leverancier te bespreken.”

Het kantoor in Amsterdam bedient partners met supportdiensten, technische ondersteuning en sales- en marketingactiviteiten bovenop de activiteiten die lokaal plaats vinden.

IT-dienstverlener Odin Groep neemt IT-specialisten in het onderwijs Cloudwise over. Volgens Arno Witvliet, CEO van Odin Groep, past deze stap in de groeistrategie van Odin Groep.

Cloudwise zette elf jaar geleden de digitale leer- en werkomgeving COOL op, op basis van Google-technologie. Jeroen Kuerble, CEO van Cloudwise: “De destijds opkomende Google technologie, onder andere door de enorme vraag naar Chromebooks, zorgde ervoor dat we het onderwijs iets nieuws konden bieden. Volledig cloudbased en gemaakt voor het onderwijs. Die innovatie heeft ons ver gebracht.”

Het bedrijf zocht als gevolg van de groei naar passende schaalgrootte en specifieke kennis. Dat was voor Cloudwise de reden om de samenwerking met Odin Groep te zoeken. “Door onze passie voor het onderwijs te bundelen, kunnen we met ICT meer impact maken op het onderwijs.”

Tegelijkertijd zoekt ook Odin Groep naar groei, schaalgrootte en spreiding van markten. “Vandaar dat onze strategie zich niet alleen richt op autonome groei, maar ook heel nadrukkelijk op het toevoegen van meer bedrijven binnen de groep”, zegt Witvliet. “Bij voorkeur bedrijven die goed aansluiten bij voor ons bekende markten en bestaande portfolio’s. Om daarbij maximale synergie te creëren zoeken we naar organisaties die landelijk – of internationaal – actief zijn, dezelfde groeiambities hebben en – heel belangrijk – een vergelijkbare bedrijfscultuur hebben. Cloudwise voldoet aan deze criteria. Met deze overname verwachten we te kunnen blijven innoveren en investeren in oplossingen voor het onderwijs.”

Cloudwise zet de activiteiten voort onder eigen naam en met de huidige directe en management. Samen met Odin Groep gaat de organisatie onderzoeken hoe de onderwijsactiviteiten – binnen Odin Groep samengevat onder Odin Onderwijs – in de toekomst beter op elkaar afgestemd en uiteindelijk samengevoegd kunnen worden.

Zetacom en MCS bundelen hun krachten bij het aanbieden van Private LTE (4G) en 5G-netwerken voor zorg- en bedrijfskritische processen. De bedrijven delen dezelfde visie op loT-innovaties die van grote invloed (gaan) zijn op de zorgsector, zeggen de bedrijven.

Met dit partnership willen Zetacom en MCS hun specialistische vak- en sectorkennis combineren. “Organisaties krijgen meer en meer te maken met een toename van smart devices in kritische processen, waar medewerkers afhankelijk van zijn. Met name in de zorgsector dienen processen 24/7 ontsloten te worden via een betrouwbaar en snel netwerk, zodat de juiste zorg tijdig verleend wordt”, schrijven de beide bedrijven in een gezamenlijk persbericht.

Primaire processen

“Draadloze netwerken zijn onmisbaar voor primaire processen. Waar deze netwerken voorheen alleen werd gebruikt voor de mobiele bereikbaarheid van medewerkers, biedt Private LTE ook de mogelijkheid om data te ontsluiten via het netwerk. Hierdoor kan gebruik worden gemaakt van onder andere slimme sensoren, zorg apps en medische alarmering mogelijkheden. Het is van belang dat deze bedrijfskritische processen over een afgeschermd en veilig netwerk lopen.”

Private LTE voldoet volgens de meeste deskundigen aan deze hoge eisen en kan later ook gemakkelijk worden geschaald naar het nog snellere 5G.

Op de foto van links naar rechts: Thijs Rijnberg (Zetacom Business Development Manager Secure Networking), Bas Piek (MCS Commercieel Directeur), Olav van de Reijken (Zetacom Algemeen Directeur), Marc Vekemans (MCS Business Unit Manager Private LTE).

63 procent van de IT-beslissers in de financiële sector geeft aan nog steeds te werken met legacy-systemen. Dat blijkt uit onderzoek van NTT DATA onder 650 IT-beslissers in de financiële sector. Dit botst volgens het bedrijf met het feit dat negen op de tien (89%) aangeven bezig te zijn met innoveren, aangezien legacy-systemen innovatie in de weg kunnen staan.

Ondanks het gebruik van gedateerde technologie lijkt er wel degelijk een verschuiving naar de cloud plaats te vinden. Dit wordt eenvoudiger met nieuwe technologieën, zoals AI. Bijna twee op de drie IT-beslissers (63%) geven namelijk aan dat Gen AI de overgang naar de cloud makkelijker maakt. Negen op de tien IT-beslissers (91%) geven aan dat initiatieven met betrekking tot deze technologieën worden gesteund door de raad van bestuur.

Om de overstap naar de cloud te maken, spelen flexibiliteit en schaalbaarheid volgens één op de drie IT-beslissers (36%) een belangrijke rol. Een kwart van hen ziet ook een groeiende trend in cloudmigratie gedreven door AI-ontwikkelingen. Dit kan mede komen doordat het herinterpreteren van legacycode, een van de grootste uitdagingen voor banken, door AI makkelijker wordt, denken de onderzoekers.

Ondanks het enthousiasme over de technologie, zijn nog niet alle financiële instellingen overgestapt op AI. De meeste banken hebben AI al geïntegreerd, maar dertig procent bevindt zich nog in de eerste stadia van invoering. Bovendien beschikt tachtig procent niet over een strategisch kader voor de invoering van Gen AI.

IT-dienstverlener Connect, onderdeel van VolkerWessels Telecom gaat voortaan verder onder de naam Blauwr. Met de naamswijziging wil het onderdeel de groei en ambities verder vorm geven, zegt het bedrijf.

Blauwr is een msp met focus op connectiviteit en network as a service. Het bedrijf blijft onderdeel van VolkerWessels Telecom.

Foto: Arjen Bakker, Managing Director Blauwr,

Van de Nederlandse bedrijven en organisatie die in 2023 slachtoffer waren van ransomware, beschikte 58% niet over een back-up. Dit blijkt uit het Jaarbeeld Ransomware 2023 van het DTC. Voor dit jaarbeeld is gekeken naar Nederlandse bedrijven en organisaties met meer dan 100 medewerkers. 

Via een maandelijks terugkerende uitvraag in het kalenderjaar 2023, kwamen er (anoniem) naar schatting 147 unieke incidenten in beeld. Opvallend hierbij is dat voornamelijk de sectoren ‘industrie’ en ‘handel’ vaak het slachtoffer waren van een ransomware-aanval. Samen waren deze sectoren goed voor meer dan een derde van alle jaarlijkse incidenten. Bij zo’n 30% van alle ransomware-incidenten kreeg de aanvaller toegang tot de organisatie door het misbruiken van beveiligingslekken en kwetsbaarheden. In 28% van de gevallen ging dit met via phishing buitgemaakte logingegevens of gekraakte wachtwoorden.

18% heeft losgeld betaald

Uit het jaarbeeld kwam naar voren dat de bereidheid van slachtoffers om te betalen relatief laag is. Zo betaalde slechts 18% losgeld aan de cybercriminelen. Dit is een stuk lager dan het wereldwijde gemiddelde van 46%. Dat heeft alles te maken met het advies van de overheid om geen losgeld te betalen en zo een sterk signaal tegen cybercriminelen af te geven.

Betaling biedt ook geen garantie voor teruggave van je gegevens, zo blijkt uit alle cijfers. Een meerderheid van de Nederlandse bedrijven en organisaties die vorig jaar slachtoffer werd van ransomware, had geen back-ups. Van alle slachtoffers beschikte 58% niet over een back-up.

Het DTC Benchmarkonderzoek 2023 analyseerde het gebruik van verschillende cybersecuritymaatregelen door Nederlandse zzp’ers en kleine mkb-bedrijven (tot 25 medewerkers). Als het gaat om het maken van regelmatige (dagelijkse of wekelijkse) back-ups van de belangrijkste bedrijfsgegevens, gaf 32% van de zzp’ers aan dit niet te doen, of niet te weten of dit gedaan wordt. Bij de kleine mkb-bedrijven was dit 23%.

Leverancier van modulaire datacenteroplossingen STULZ Modular gaat samenwerken met Asperitas, specialist op het gebied van vloeistofkoeling. Samen willen de bedrijven immersiekoeling toepassen in datacenteromgevingen  met een hoge dichtheid. Het gaat om de implementatie van een concept voor een modulaire datacenteroplossing met geïntegreerde immersiekoeling voor installatie binnen en buiten.

Asperitas heeft daarbij als onafhankelijke technologiepartner expertise en producten op het gebied van immersiekoeling ingebracht. STULZ Modular ontwikkelde het concept voor de infrastructuurcomponenten van het datacenter, met daarnaast een recirculerende airconditioning en mechanische koeling vanwege efficiëntie en effectiviteit. Het concept van STULZ Modular omvat ook de beveiligde voeding van de aandrijflijn (schakelapparatuur, UPS’en en PDU’s), het complete koelcircuit, bewaking op afstand en infrastructuurbeheer (DCIM), evenals vroegtijdige branddetectie en -blussing. Het resultaat van de samenwerking is een compact, modulair end-to-end datacenter voor een IT-belasting tot 200 kW in combinatie met immersiekoelingtechnologie van Asperitas.

Het concept is speciaal ontworpen voor koeling van veel energie vragende IT-toepassingen, zoals de lokale verwerking van grote hoeveelheden gegevens, data science, generatieve AI of industriële edge. Het modulaire concept maakt ook klantspecifieke aanpassingen mogelijk.

Zowel Asperitas als STULZ zijn aanwezig op de Kickstart Europe Conference, die vandaag en morgen plaatsvindt in de RAI in Amsterdam.

Jongere bestuurders zijn positiever over AI dan hun oudere tegenhangers. Dat blijkt uit onderzoek van softwareontwikkelaar Klippa. Het vertrouwen in kunstmatige intelligentie is het hoogst in de leeftijdsgroepen onder de 30 jaar (100%!).

Het vertrouwen in AI is het laagst in de groepen 50-59 jaar (77%) en 60-plus (61%). Bovendien is 94% van de managers onder de 40 jaar van plan het komende jaar meer te investeren in AI. Kunstmatige intelligentie is al een bekend begrip in gebieden als procesautomatisering, klantenservice (chatbots) en voorraadbeheer. Steeds meer managers zien AI als dé oplossing voor hun problemen, zoals personeelstekorten, stijgende operationele kosten en een gebrek aan kapitaal voor investeringen.

De voorzichtige aanpak onder oudere bestuurders wijst op een generatiekloof in het omarmen van AI-oplossingen. Onderzoek van McKinsey en Stanford University lijkt de jongere managers in het gelijk te stellen, aangezien bedrijven die AI omarmen aanzienlijke kostenverlagingen en omzetstijgingen rapporteren. Nu de adoptie van AI stabiliseert, presteren de 50 tot 60% van de organisaties die AI al hebben geïntegreerd steeds beter dan hun concurrenten. Als deze trend zich doorzet, positioneren jongere managers – die meer geneigd zijn te investeren in AI en AI te implementeren – hun organisaties steeds beter.

De C-Level Insights-enquête van Klippa is beantwoord door een diverse groep managers. De meeste respondenten zijn CEO’s (60%), gevolgd door CTO’s (11%), CFO’s (9%) en andere C-suite managers. Ze zijn actief in 18 verschillende sectoren en werken bij organisaties van verschillende groottes – van kleine en middelgrote bedrijven tot grote ondernemingen met jaaromzetten van meer dan $1 miljard.

Visma neemt maker van archiveringssoftware GW Crossmedia over. Met de overname wil Visma zijn e-governmentportfolio versterken.

GW Crossmedia is een speler op het gebied van webarchivering. Het bedrijf heeft veel overheidsorganisaties als klant, waaronder gemeenten, waterschappen, provincies en ministeries. Ook in de zakelijke markt is GW Crossmedia actief. Opvallend is dat het bedrijf een reputatie heeft opgebouwd in het archiveren van social media.

De overname van GW Crossmedia past naar eigen zeggen binnen de Visma-strategie die zich richt op verdere groei en ontwikkeling van geavanceerde e-government oplossingen in Nederland en daarbuiten. Door de synergie tussen beide bedrijven te benutten, wil Visma zijn positie op het gebied van professionele SaaS-oplossingen voor het publieke domein versterken.

GW Crossmedia zal blijven opereren onder zijn eigen naam en met het bestaande team, als onderdeel van de Visma Groep. De bestaande overeenkomsten met klanten en partners blijven onveranderd.