De Nederlandse arbeidsmarkt blijft afkoelen. Het aantal vacatures is opnieuw gedaald en het aantal werklozen neemt licht toe. Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek stonden er eind 2025 ongeveer 380.000 vacatures open, zo’n 7.000 minder dan een kwartaal eerder. Tegelijkertijd steeg het aantal werklozen naar ongeveer 410.000, wat neerkomt op 4,0 procent van de beroepsbevolking.
Die afnemende krapte is niet alleen zichtbaar in sectoren als zorg en handel, maar ook in de technologiesector. In de ICT-branche is het aantal banen licht teruggelopen en zijn er minder openstaande vacatures dan in de voorgaande jaren. Daarmee lijkt ook in IT een einde te komen aan de periode waarin werkgevers structureel moeite hadden om geschikt personeel te vinden.
Voor msp’s en IT-dienstverleners betekent dit dat de arbeidsmarkt langzaam verandert van een uitgesproken werknemersmarkt naar een meer gebalanceerde situatie. Waar kandidaten eerder vaak meerdere aanbiedingen tegelijk kregen, ontstaat nu weer iets meer ruimte voor werkgevers om selectiever te werven en functies beter in te vullen op basis van vaardigheden en ervaring.
De daling van het aantal vacatures hangt samen met een voorzichtiger houding van bedrijven. Organisaties zijn terughoudender met uitbreiden en stellen nieuwe aanstellingen vaker uit. Tegelijkertijd blijven veel professionals actief op zoek naar werk, waardoor het aanbod op de arbeidsmarkt groeit zonder dat er sprake is van grootschalige ontslagen.
De cijfers laten vooral zien dat de arbeidsmarkt voor IT en msp’s in een nieuwe fase terechtkomt. Niet langer extreem krap, maar ook nog niet ruim. In die tussenfase wordt strategisch personeelsbeleid belangrijker, met meer aandacht voor opleiding, doorstroom en behoud van medewerkers in plaats van uitsluitend snelle groei via externe werving.


