De beoogde coalitie heeft vandaag het nieuwe coalitieakkoord gepresenteerd. Daarin krijgt digitalisering een prominente plek, met plannen voor strengere IT-regie, meer Europese autonomie en forse investeringen in AI en infrastructuur. Een aparte minister voor Digitale Zaken komt er niet, maar de impact op de IT-markt is groot.
Digitalisering krijgt in het nieuwe coalitieakkoord een centrale plek, maar wie had gehoopt op een aparte minister voor Digitale Zaken komt bedrogen uit. Het beoogde kabinet kiest niet voor een nieuwe bewindspersoon, maar voor strakkere regie via bestaande ministeries, met name Binnenlandse Zaken, en de oprichting van een Nederlandse Digitale Dienst. Tegelijkertijd legt het akkoord de lat voor overheid en markt hoger: meer Europese autonomie, strengere IT-standaarden, zwaardere cybersecurity-eisen en forse investeringen in AI en infrastructuur.
Digitalisering als strategisch dossier
In het hoofdstuk Nederland koploper in een digitale wereld maakt het kabinet duidelijk dat digitalisering niet langer wordt gezien als ondersteunend beleid, maar als strategisch instrument. Technologie raakt volgens de coalitie direct aan nationale veiligheid, economische slagkracht en de democratische rechtsstaat.
Nederland en Europa zijn volgens het akkoord te afhankelijk geworden van een klein aantal buitenlandse techspelers. Die afhankelijkheid maakt het land kwetsbaar, zeker nu technologie steeds vaker wordt ingezet als geopolitiek machtsmiddel. De dagelijkse cyberaanvallen op overheid en bedrijven worden expliciet genoemd als reden om digitale autonomie serieuzer te nemen. Nederland moet koploper worden in “verantwoorde digitale innovatie”, met sterke Europese ecosystemen rond cloud, data, AI en infrastructuur.
Geen minister voor Digitale Zaken
Opvallend is dat het kabinet geen aparte minister of staatssecretaris voor digitalisering instelt. In plaats daarvan blijft de coördinatie grotendeels bij het ministerie van BZK liggen, dat al verantwoordelijk is voor de Rijksdienst en overheids-ICT. Wel wordt een nieuwe Nederlandse Digitale Dienst opgericht. Die moet rijksbreed digitalisering ondersteunen, kwaliteitsstandaarden opstellen en zorgen dat grote IT-projecten beter worden ingericht. De dienst krijgt volgens het akkoord ook “doorzettingsmacht”, wat moet voorkomen dat projecten vastlopen in bestuurlijke versnippering. Voor de markt betekent dit meer centrale sturing en minder ruimte voor losse eilandoplossingen.
Digitale overheid wordt strengere opdrachtgever
Het coalitieakkoord bevat een uitgebreid pakket aan maatregelen om de digitale overheid professioneler te maken. Daarbij ligt de nadruk op standaardisatie, veiligheid en autonomie. Zo wordt digitale autonomie het uitgangspunt. De overheid wil strategische afhankelijkheden in cloud, data en kernsystemen doelgericht afbouwen en kiest nadrukkelijk voor Europese infrastructuur. Grote IT-projecten worden opgesplitst, zodat ook Nederlandse en Europese mkb-bedrijven kunnen meedingen.
Daarnaast worden inkoop en aanbestedingen verder gecentraliseerd en gestandaardiseerd. Security-by-design, zero trust, open source, soevereiniteit en ketenveiligheid worden leidende principes. De overheid wil haar marktmacht gebruiken om deze standaarden af te dwingen. Voor IT-projecten boven de vijf miljoen euro geldt voortaan een verplichte toets aan centrale IT-standaarden voordat financiering wordt toegekend. Dit maakt de overheid tot een strengere opdrachtgever. Leveranciers en dienstverleners zullen aantoonbaar moeten voldoen aan technische en security-eisen.
Minder afhankelijk van externe IT-partijen
Een ander speerpunt is het verminderen van de afhankelijkheid van externe IT-leveranciers en consultants. Het kabinet wil meer IT-specialisten in vaste dienst nemen en introduceert daarvoor een concurrerend salarispad. Ook worden ambtenaren breder geschoold in technologie en het gebruik van AI. Externe inhuur moet worden teruggebracht, onder meer door aantrekkelijkere loopbaanpaden voor technische specialisten binnen de overheid. Voor grote IT-dienstverleners die veel voor de overheid werken, kan dit op termijn betekenen dat delen van hun rol verschuiven. Tegelijkertijd blijft externe expertise nodig, maar onder scherpere voorwaarden.
Inhaalslag digitale dienstverlening
Het kabinet erkent dat de digitale dienstverlening achterblijft. Als voorbeeld wordt expliciet Estland genoemd. Alle overheidsdiensten moeten online toegankelijk worden, met oog voor toegankelijkheid en gebruiksvriendelijkheid. Daarbij blijft ook ruimte voor telefonische en fysieke loketten, om te voorkomen dat digitalisering leidt tot uitsluiting. De modernisering van het ICT-landschap bij de Belastingdienst en Dienst Toeslagen krijgt prioriteit, mede als gevolg van eerdere uitvoeringsproblemen. Hier liggen kansen voor langdurige IT-trajecten, maar wel onder strakkere regie en met hogere eisen aan kwaliteit en governance.
Forse inzet op AI en infrastructuur
Economisch zet het kabinet zwaar in op digitale technologie. Nederland moet van ‘pilotland’ doorgroeien naar ‘opschaalland’, vooral op het gebied van AI.
Concreet worden onder meer genoemd:
- de bouw van een AI-fabriek in Noord-Nederland
- investeringen in Europese autonome datacenters
- een nationaal AI-rekenkrachtplan
- publiek-private investeringen in AI, cybersecurity, halfgeleiders, quantum en fotonica
Daarnaast wil het kabinet procedures voor digitale infrastructuur versnellen, zonder veiligheid en leefomgeving uit het oog te verliezen. Voor cloud- en infrastructuurpartijen biedt dit perspectief op grootschalige projecten, mits zij aansluiten bij de Europese en soevereiniteitsambities.
Cybersecurity krijgt centrale regie
Digitale weerbaarheid vormt een apart onderdeel van het akkoord. Cyberaanvallen, digitale spionage en desinformatie worden gezien als directe bedreigingen voor economie en democratie. Belangrijkste maatregelen:
- snelle implementatie van NIS2
- centrale regie op cybersecurity
- gezamenlijke oefeningen met overheid, mkb en vitale sectoren
- intensievere informatie-uitwisseling
Voor msp’s betekent dit dat compliance en security-volwassenheid steeds belangrijker worden. Niet alleen richting de overheid, maar ook richting zakelijke klanten. De verwachting is dat toezicht en handhaving de komende jaren strenger worden.
Wat betekent dit voor de IT-markt?
Het coalitieakkoord schetst een overheid die digitalisering serieuzer neemt dan voorheen, maar ook strakker wil sturen. Vrijblijvende experimenten maken plaats voor structurele kaders. Voor IT-dienstverleners en msp’s betekent dat:
- meer nadruk op standaarden en certificering
- hogere eisen aan security en governance
- meer kansen rond AI, cloud en infrastructuur
- minder ruimte voor maatwerk zonder duidelijke onderbouwing
- zwaardere rol als compliance-partner voor klanten
De overheid positioneert zich nadrukkelijker als regisseur en launching customer, maar stelt daar ook harde voorwaarden tegenover.


