De maakindustrie staat aan de vooravond van een nieuwe fase. Personeelstekorten, grillige supply chains en stijgende kosten blijven de agenda bepalen. Tegelijkertijd verandert de manier waarop bedrijven met die uitdagingen omgaan. Recent onderzoek van ECI Software Solutions en marktanalyses van IFS laten zien dat steeds meer maakbedrijven ERP zien als hun centrale stuurinstrument. Niet alleen voor administratie en planning, maar als fundament onder digitalisering, AI en datagedreven besluitvorming.
Het Hero Report van ECI schetst een sector die onder druk staat en tegelijk voorzichtig vooruitkijkt. Ruim de helft van de ondervraagde maakbedrijven verwacht groei in 2026. Tegelijkertijd noemt 43 procent personeelsschaarste als grootste risico. Ook beperkte budgetten en een gebrek aan kennis blijven een rol spelen.
Voorzichtig optimisme onder druk
Die combinatie verklaart waarom veel kleine en middelgrote maakbedrijven investeren in technologie die snel overzicht biedt. De focus ligt op systemen die direct helpen om grip te krijgen op kosten, planning en voorraad. Cloudgebaseerde ERP-oplossingen spelen daarin een steeds grotere rol. Opvallend is dat de meeste bedrijven zichzelf nog in een vroege digitaliseringsfase plaatsen. Slechts een klein deel noemt zijn processen volledig geoptimaliseerd. In veel organisaties is inmiddels veel data beschikbaar, terwijl het inzicht daarin beperkt blijft.
De afgelopen jaren hebben veel maakbedrijven losse digitaliseringsstappen gezet. Er kwam software voor planning, aparte systemen voor voorraadbeheer en dashboards voor rapportage. Dat leverde op korte termijn voordelen op, maar zorgde ook voor versnippering. Data staat verspreid over meerdere applicaties, rapportages vergen veel handwerk en scenario’s zijn lastig door te rekenen. IFS signaleert dat veel organisaties nog werken in silo’s. Afdelingen zijn wel gedigitaliseerd, maar nauwelijks geïntegreerd. Daardoor blijft de waarde van analytics en AI-toepassingen vaak beperkt tot afzonderlijke processen.
ERP krijgt in dat landschap steeds vaker de rol van verbindend platform dat deze fragmentatie moet doorbreken. Door processen, transacties en planningen samen te brengen, ontstaat één gedeelde informatiebasis. Zonder die basis blijven organisaties vooral reactief werken. Beslissingen worden genomen op basis van achterhaalde cijfers of onvolledige rapportages, wat de wendbaarheid beperkt.
ERP als fundament voor AI en automatisering
De belangstelling voor AI groeit snel. In het ECI-onderzoek staat bijna drie kwart van de bedrijven positief tegenover AI. Tegelijkertijd ziet bijna de helft nog geen meetbaar resultaat. Dat hangt nauw samen met de kwaliteit en samenhang van onderliggende data. Zonder consistente, actuele en geïntegreerde informatie blijven AI-toepassingen beperkt tot kleinschalige experimenten. Wanneer kernprocessen via ERP met elkaar verbonden zijn, ontstaat een fundament voor verdere automatisering. Dat vertaalt zich in voorspellende planning, realtime inzicht in knelpunten, slimmere voorraadoptimalisatie en betere ondersteuning bij capaciteitsbeslissingen. In die context verschuift ERP steeds meer richting dataplatform voor operationele intelligentie.
Een belangrijk verschil met eerdere digitaliseringsgolven is de nadruk op continu inzicht. Volgens IFS verandert supply chain-analyse van een periodieke activiteit in een doorlopende functie. Met behulp van AI-ondersteunde simulaties kunnen bedrijven scenario’s blijven doorrekenen en zich beter voorbereiden op verstoringen. Dat vraagt om actuele data uit productie, logistiek, inkoop en service. ERP fungeert daarbij als centraal knooppunt waar deze informatiestromen samenkomen. Hetzelfde geldt voor duurzaamheid. Wat jarenlang draaide om jaarlijkse rapportages en audits, ontwikkelt zich steeds meer tot een operationele stuurvariabele. Energieverbruik, afvalstromen en emissies moeten structureel gemonitord en bijgestuurd worden.

Beeld: iStock
Efficiëntie als blijvende motor
Ondanks alle technologische ontwikkelingen blijft efficiëntie de belangrijkste reden om te investeren. Vrijwel alle ondervraagde bedrijven noemen dit als belangrijkste motivatie, gevolgd door kostenreductie. In de praktijk wordt ERP daarom vooral ingezet voor kostprijsberekening, productieplanning en voorraadbeheer. Relatief weinig bedrijven gebruiken hun ERP-omgeving al voor strategische prognoses en langetermijnscenario’s.
Een tweede belangrijke ontwikkeling is de groeiende vraag naar gespecialiseerde software. Generieke pakketten sluiten steeds minder aan op de praktijk van nicheproducenten, machinebouwers en toeleveranciers. Volgens ECI zoeken bedrijven vooral naar oplossingen die aansluiten op hun werkvloer, processen en regelgeving. Dat vraagt om branchegerichte ERP-oplossingen met ingebouwde kennis van productieflows, kwaliteitscontrole en certificering.
IFS verwacht dat humanoïde en mobiele robots de komende jaren een grotere rol krijgen op de productievloer. Die ontwikkeling hangt samen met personeelstekorten en productiviteitsdruk. In omgevingen waar mensen, machines en robots samenwerken, moeten planning, onderhoud, kwaliteitsdata en logistiek naadloos op elkaar aansluiten. ERP vormt daarbij het coördinerende systeem dat deze processen verbindt. De fabriek van de toekomst wordt daarmee geautomatiseerd en vooral geïntegreerd.
Organisatie en vaardigheden als doorslaggevende factor
Technologie vormt zelden de grootste belemmering. Uit het ECI-onderzoek blijkt dat gebrek aan tijd, kennis en vaardigheden minstens zo zwaar weegt als budget. Veel bedrijven beschikken over systemen en data, terwijl het vermogen ontbreekt om daar structureel waarde uit te halen. Daarnaast zijn organisatiestructuren vaak nog ingericht op traditionele afdelingen, wat samenwerking tussen mens en AI bemoeilijkt. ERP-implementatie vraagt daarom ook om procesherziening, training, aandacht voor datakwaliteit en nieuwe rollen rond analyse en planning. Zonder die randvoorwaarden blijft het potentieel onbenut.
Beide onderzoeken maken duidelijk dat ERP verschuift van ondersteunend systeem naar strategisch fundament. Niet als doel op zich, maar als voorwaarde voor verdere digitalisering, AI-toepassing en operationele wendbaarheid. Voor veel maakbedrijven betekent dit een kantelpunt. De inzet van ERP bepaalt in toenemende mate hoe snel organisaties kunnen reageren op marktveranderingen, omgaan met schaarse capaciteit en investeren in nieuwe technologie. In een sector waar marges onder druk staan en personeel schaars blijft, ontwikkelt ERP zich daarmee tot een structurele randvoorwaarde voor concurrentiekracht.


