Staatssecretaris Eddie van Marum heeft in een verzamelbrief aan de Tweede Kamer de nieuwe koers voor de digitale overheid uiteengezet. In de brief reageert hij op het manifest Ons Digitaal Fundament en beschrijft hij hoe het kabinet meer regie wil nemen op digitalisering, met nadruk op autonomie, publieke waarden en uitvoerbaarheid.
De brief richt zich op de groeiende afhankelijkheid van buitenlandse technologiebedrijven en de gevolgen daarvan voor de overheid. Volgens Van Marum is de overheid te lang vooral volgend geweest bij digitale ontwikkelingen. Het kabinet wil daarom toewerken naar een sturende rol, waarbij publieke belangen en controle over eigen systemen centraal staan.
Een belangrijk onderdeel is de omgang met grote technologiebedrijven. Het kabinet erkent dat de overheid sterk leunt op een beperkt aantal buitenlandse softwareleveranciers en cloudaanbieders. Om die afhankelijkheid te verminderen wordt, waar mogelijk, gekozen voor open source software. Daarnaast komen er strengere kaders voor de inkoop van clouddiensten en software, waarbij dataveiligheid en zeggenschap leidend zijn. Digitalisering moet volgens de brief vanaf het ontwerp rekening houden met grondrechten en privacy.
Ook de inzet van AI binnen de overheid krijgt ruime aandacht. Van Marum biedt de Kamer een overheidsbrede monitor aan, uitgevoerd door TNO, waarin het gebruik van AI binnen overheidsorganisaties in kaart wordt gebracht. De overheid ziet mogelijkheden om AI in te zetten voor betere dienstverlening, maar stelt daarbij voorwaarden. Er wordt gewerkt aan een specifiek inkoopkader voor AI-toepassingen om risico’s zoals vooringenomenheid en privacyschending te beperken. Daarbij is er aandacht voor het stimuleren van Nederlandse en Europese taalmodellen, om de afhankelijkheid van niet-Europese aanbieders te verkleinen.
Daarnaast gaat de brief in op de uitvoeringspraktijk. Naar aanleiding van het rapport Dwars door de orde wordt benadrukt dat complexe digitale systemen in sommige gevallen tot problemen voor burgers hebben geleid. Van Marum kondigt aan dat er meer ruimte moet komen voor maatwerk en dat digitale dienstverlening niet los mag komen te staan van menselijk contact. Digitale loketten blijven gecombineerd met persoonlijke ondersteuning.
Tot slot noemt de staatssecretaris investeringen in digitaal vakmanschap binnen de overheid. Ambtenaren moeten beter worden toegerust om technologie verantwoord toe te passen. De aangekondigde maatregelen raken onder meer cybersecurity bij decentrale overheden, toezicht op algoritmen, digitale toegankelijkheid en het verminderen van vendor lock-in. De brief markeert daarmee een bredere heroriëntatie op de rol van digitalisering binnen de overheid.


