De Nederlandse markt voor onderwijstechnologie (EdTech) is de afgelopen jaren sterk gegroeid, maar dreigt tegen grenzen aan te lopen. Volgens een nieuw rapport van Stichting Dutch EdTech is de sectorwaarde gestegen van circa 400 miljoen dollar in 2020 naar 1,85 miljard dollar in 2025. Toch blijft brede toepassing van digitale leertechnologie in het formele onderwijs achter door structurele barrières in beleid, aanbestedingen en cultuur.
Bestuurslid Ewoud de Kok stelt dat bewezen technologieën onvoldoende worden opgeschaald. “De technologie is er, en de urgentie is groter dan ooit. Maar het huidige systeem – van wet- en regelgeving tot financiering en aanbestedingsstructuren – remt opschaling af.” Volgens Dutch EdTech zorgt dat ervoor dat veel innovaties beperkt blijven tot pilots, terwijl ze juist kunnen bijdragen aan het oplossen van personeelstekorten en het versterken van de kenniseconomie.
Nog geen scale-ups
Het rapport laat zien dat de Nederlandse EdTech-sector inmiddels 475 bedrijven telt, goed voor circa 13.000 banen in 2025, een groei van 18 procent ten opzichte van 2023. Vooral het segment rond levenslang leren en bedrijfsopleidingen ontwikkelt zich snel, doordat bedrijven sneller nieuwe technologie omarmen. Toch is er in Nederland nog geen enkele EdTech-startup uitgegroeid tot een scale-up volgens de Europese definitie.
Ook het investeringsklimaat staat onder druk. De gemiddelde dealgrootte daalde van ongeveer 6 miljoen dollar in 2021 naar 1 miljoen in 2024, terwijl het Europese gemiddelde rond 3 miljoen blijft. Grote investeringsrondes, zoals Series B en C, zijn zeldzaam geworden. Meer dan de helft van de startups noemt systeemblokkades en lange adoptietrajecten als grootste groeibarrières.
Nederland blijft achter
Volgens Dutch EdTech is dat niet alleen een economisch risico. Door de snelle ontwikkeling van AI verandert het werkveld in hoog tempo en is voortdurende bijscholing essentieel. Landen als Singapore, India en China investeren fors in leerinnovaties, terwijl Nederland dreigt achter te blijven. Dat kan volgens het rapport gevolgen hebben voor de energietransitie, de zorg en de arbeidsmarkt.
Directeur Jitske van Os roept onderwijsinstellingen, bedrijven en beleidsmakers op tot meer samenwerking en lef. “De oplossingen liggen klaar en we weten dat ze werken. Wat nodig is: leiders die durven te investeren en een overheid die groei mogelijk maakt. Alleen zo behouden we onze kennispositie.”


